3 maart 2010

War against Terror

Genoeg! De maat is vol. Het is oorlog! De drol die de emmer doet overlopen is gelegd. Ik ben even geen dierenvriend meer. De eerste katachtige die het nu nog waagt om over mijn erf te lopen zal het bezuren.

Al vijf maanden lang probeer ik iets van mijn bloembakken naast de voordeur te maken. Viooltjes, geraniums, heideplantjes, noem maar op, niets overleeft de terreur van mijn miauwende buurtgenoten. De buurtkatten -ik verdenk ze er alle acht van- denken dat het openbaar urinoir zich naast mijn voordeur bevind. Kattendrollen stinken. Kattenpies ook. De vorst van de afgelopen periode heeft de ellende tijdelijk tot een halt geroepen, maar sinds de grond weer omwoelbaar is, is het wildplassen en -poepen is volle hevigheid voortgezet. En, zeg nu eerlijk, hoe vaak wil je als mens je bloembak met een schepje doorwoelen om poep in een zakje te doen? Andermans poep.

Natuurlijk heb ik eerst een milieu- en diervriendelijke oplossing gezocht.
Een flesje met een op groene gel lijkende massa, gekocht in het tuincentrum, zou uitkomst moeten bieden maar deed dat allerminst. Na verspreiding van het goedje tussen de planten bleven de katten even weg. Twee weken voorjaarsbuien en drie flesjes á raison van € 16,95 verder zijn drasticher maatregelen nodig. Citronella- of poepgeur hangen mij de keel uit.

De buurtbewoners aanspreken heeft ook geen enkel effect. Hebben ze een kat, dan is die rooie weer niet die van hun. “Nee, mijn poekie doet zoiets niet. Die poept altijd thuis in de kattebak.” Nee, ik ben zeker kleurenblind. “Nee hoor, wij hebben een siamese kat, die zit altijd binnen.” Het is bruinzwart met spitse oortjes, vogeltje in de bek in míjn achtertuin? Volgens mij een siamees... De derde buur zegt doodleuk “neem zelf een kat, dat jaagt alle andere katten weg”. Ja bedankt, ik vraag je nog eens wat.

Ondertussen gaat de terreur door. De hoop wordt groter en mijn hoop vervliegt. De grens is bereikt. Tijd voor het echte werk. Oorlogsvoering.

Alle middelen zijn geoorloofd. Ik denk aan een douche van mosterdgas, kattenbrokjes met ingespoten blauwzuur en, ik raak op dreef, molklemmen of arsenicum. Mosterdgas en blauwzuur laten sporen na dus niet bij uitstek geschikt. Valt af. De molklemmen. Tsja, dan moet ik de vangst ook opruimen. Wil ik niet. Bovendien ligt de boosdoener dan ook de hele nacht te kermen. Worden de kinderen wakker, willen ze weten wat er gebeurt. Uitleg, hmmmm moeilijk. Valt ook af. Arseen, superdodelijk, zit in rattengif. Is in nederland misschien verboden, maar ach, in zuid europa prima verkrijgbaar. Maar dat betekent dat ik tot de zomervakantie moet wachten. Wat dan? Eureka! Polonium-210, dat is het. Bekend van de vergiftiging van Litvenenko in 2007. Zeer effectief en nauwelijk straceerbaar. Zou het non-proliferatieverdrag ook gelden in de strijd tegen ongeoorloofde uitwerpselen? Helaas, moeilijk om aan te komen en contacten met de KGB ontbreken.

Ik besluit er nog een nachtje over te slapen. Morgen misschien toch nog eens naar Intratuin voor een paar plantjes Kattenkruid. Voor een leven als oorlogsveteraan ben ik niet in de wieg gelegd.

1 opmerking:

  1. Google, my dear, google! "How to keep cats out of flowerbeds" intypen en er wordt een schat aan waardevolle tips onthuld.

    Begraaf een stukje vlechtwerk net onder de aarde, dan kunnen ze niet graven. Steek bamboe spiezen in de containers, zo dat ze niet genoeg ruimte hebben om eens lekker te gaan zitten. Graaf kleine potjes met verdunde amonia tot de rand in de aarde, de geur verjaagt ze.

    Of, mijn persoonlijke favoriet hoewel ik niet weet of het praktisch is want luid, koppel een elektrische zaag aan een bewegingssensor en bezorg ze de schrik van hun leven...

    BeantwoordenVerwijderen